Bijkomende vrijwillige overuren in kritieke sectoren

Terug
Datum:
30 Jun 2020

Bruto = netto

Zoals toegelicht in onze vorige newsflash, is het aantal vrijwillige overuren in de kritieke sectoren opgetrokken naar 220 uur en dit voor de periode van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020. De wetgever heeft nu ook beslist om de - tijdens deze periode gepresteerde - bijkomende vrijwillige overuren fiscaal en parafiscaal gunstig te behandelen.

Bij het bijzondere-machtenbesluit nr. 14 van 27 april 2020 nam de regering een aantal uitzonderlijke en tijdelijke maatregelen om te voorkomen dat de continuïteit van kritieke en vitale sectoren tijdens de COVID-19 pandemie in het gedrang zou worden gebracht.

Een van de maatregelen is de optrekking - in de periode van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020 - van 100 vrijwillige overuren (=basiscontingent) naar 220 vrijwillige overuren voor de kritieke sectoren. Tijdens deze periode mogen werknemers dus 120 bijkomende vrijwillige overuren (=bijkomend contingent) presteren. Deze overuren geven geen recht op inhaalrust, noch op betaling van overloon.

Het bijkomend contingent van 120 vrijwillige overuren wordt nu ook vrijgesteld van inkomstenbelastingen en sociale bijdragen voor zover ze gepresteerd zijn in de periode van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020.

Actiepunt

De 120 bijkomende vrijwillige overuren gepresteerd van 1 april 2020 tot en met 30 juni 2020 in de kritieke sectoren worden vrijgesteld van inkomstenbelastingen en sociale bijdragen. Bruto is dus gelijk aan netto.